Home Fietsvakantieverhalen van Valentijn van den Berg Home
 

 

 

2003 - Andalucía

 

Deel 3: Cazorla en de tocht naar de Sierra Nevada en de Alpujarras

We beginnen de volgende dag met een tocht naar de bron van Rio Guadalquivir, de rivier die we in Sevilla bijna twee weken geleden al voor het eerst hebben gezien en sindsdien vele kilometers hebben gevolgd en vaak zijn overgestoken. De rit voert ons over de goed te beklimmen Puerta de las Palomas op 1290 meter. Hier heb je een fotogeniek uitzicht, maar voor de zoveelste keer hebben we in deze vakantie problemen met ons (nieuwe) digitale toestel, na 20 minuten vruchteloos proberen (en maar geduldig blijven…) geven we de moed op: eerst lukt het scherpstellen niet, en als dat eindelijk wel lukt, zijn de kleuren van roze tot paars, terwijl de omgeving toch echt groen en geel is. Op sommige foto's is deze roze waas terug te zien.

Het laatste stuk naar de bron gaat over 12 km onverhard vals plat, moeizaam dus. Gelukkig is er vrijwel geen verkeer en hebben we nauwelijks last van stof. Ook bij de bron is het uiterst rustig, wij zijn de enigen. De bron zelf stelt niet veel voor, ergens komt er wat water tussen een paar rotsblokken vandaan; het is wel een heerlijk rustige picknickplek, en tot onze verbazing werkt het fototoestel weer enigszins.

 

Bron van de Rio Guadalquivir

 

Ruïne van de Iglesia Santa Maria

De volgende dag houden we een echte rustdag, lekker helemaal niks doen! Dat betekent dus voor ons: de was doen, fietsonderhoud, lezen, zelf koken, en dat alles zoveel mogelijk in de schaduw, want het is nog steeds…, inderdaad! ’s Avonds gaan we voor de koffie en een glas wijn naar het oergezellige Plaza Santa Maria: zeer authentiek en het wordt vooral door Cazorlanen bezocht.

 

Het volgende stukje kan door een fervente autohater beter worden overgeslagen…

Ons oorspronkelijke plan was om het natuurpark van de Sierra de Cazorla vanuit het noorden binnen te fietsen en er dwars door heen te rijden naar Cazorla, dat aan de zuidkant ligt. De reden waarom we dat niet hebben gedaan en rechtstreeks naar Cazorla zijn gefietst, was de enorme drukte op de aanvoerweg naar de noordpunt (N322). Om toch nog een groot deel van het park te kunnen bekijken besluiten we een auto te huren… En eerlijk is eerlijk we hebben een schitterende tocht gemaakt in een jeepje met open dak. We rijden over de A319 via Burunchel en Cotorrios naar Tranco, een schitterende weg, die we graag op de fiets hadden afgelegd. Daarna nemen we een binnendoorweggetje (wit op de Michelinkaart) met heel veel bochten en een erg slecht wegdek, minder geschikt om op te fietsen, zeker met bagage. Maar de omgeving is echt geweldig, een prachtig natuurlijk berglandschap. Via Chilluevar en Almarras rijden we terug naar Cazorla.

 

 

 

Parque Natural de las Sierras de Cazorla, Segura y Las Villas

 

 

Om acht uur zitten we de volgende dag (zondag 22 juni) op de fiets om aan het traject naar Huelma te beginnen (etappe 25 van LO in omgekeerde richting). Het eerste stuk tot Peal de Becerro hebben we een aantal dagen geleden al in omgekeerde richting gereden toen we op weg waren naar Cazorla. We merken nu dat we toen heel wat hebben geklommen, want de eerste 25 km is nu bijna alleen maar dalen. Ook nu stoppen we weer in Peal. Er lijkt een processie op komst, de straat ligt bezaaid met graanhalmen en overal staan Mariabeelden en foto’s van Jezus. Maar er zit geen schot in de zaak, dus besluiten we niet langer te wachten en door te fietsen tot Jódar voor de koffie. Halverwege missen we blijkbaar een afslag, want we fietsen uiteindelijk via de A301 Jódar binnen, i.p.v. de A322. Op een plein midden in het dorp staan een aantal kroegen. Heel opmerkelijk is dat bij en in al die kroegen alleen maar mannen rondhangen; zondagochtend gewoonte?

 

Peal de Becerro : processie op komst

 

 

 

 

 

 

Sierra Mágina

 

 

 

Na Jódar fietsen we door de Sierra Mágina, een wonderlijk soort maanlandschap. Ter hoogte van Belmez de la Moraleda gaan we van de weg af om in het dorp te lunchen. Hiervoor moet er wel weer even flink worden geklommen. Opnieuw zien we (het is zondag) weer een aantal kinderen in hun paasbeste kleren rondlopen, ze hebben hun eerste communie gedaan.

Het einddoel van vandaag is Huelma, waar we na 80 km in Hostal Solera onze intrek nemen. Ook hier is een communie feest aan de gang. En ’s avonds is het helemaal feest als Real Madrid voetbalkampioen van Spanje wordt; er wonen hier duidelijk veel supporters. Hostal Solera is overigens een aanrader: goed en goedkoop.

Voordat we ’s ochtends weer op pad gaan, ontbijten we staande aan de bar op z’n Spaans: café con leche en magdalena’s (cakejes). We willen naar Guadix, bekend om z’n grotwoningen. Daarvoor fietsen we een stuk van etappe 24, en een stukje van etappe 21 van LO, en voor een deel hebben we zelf wat uitgedokterd. Na een kilometer of 25 ontbijten we in Torre Cardela in een heel gezellig kroegje nog een keer echt. Daar raken we met de kroegbaas aan de praat, en die blijkt nog een bijbaantje te hebben: zo af en toe rijdt hij met een vrachtwagen vol aardappelen naar Tiel…

We vervolgen onze weg over de NE50, NE43 en A326 en komen tussen Pedro Martines en Fonelas door een soort duinlandschap, heel apart. In Benalúa de Guadix, waar we lunchen, zien we voor het eerst de sneeuw van de Sierra Nevada. We rijden verder via Purullena naar Guadix. Het is hier weer bloedheet, maar we kunnen toch de moed opbrengen om naar de wijk te rijden (=klimmen) waar 2000 grotwoningen zijn. Dit is niet iets toeristisch, maar praktische werkelijkheid: 15% van de bevolking van Guadix woont in dit soort huizen: altijd dezelfde temperatuur, ook nu het hier buiten boven de 40 graden is, is het binnen nog geen 20. Naar ons idee is het wel een arme wijk en wonen hier vooral veel mensen uit Noord Afrika.

In Guadix staat ook een mooie kathedraal met stoelen van fraai houtsnijwerk.

 

Vandaag steken we van noord naar zuid door de Sierra Nevada. We beginnen in Guadix op 950 m hoogte en gaan over de Puerto de la Ragua, op bijna 2000 m. De route die we volgen (21 en 22 van LO) gaat voor La Calahora 5 km over de snelweg, niet echt leuk, maar omdat het rustig is (we zijn net na de ochtendspits) toch redelijk te doen. In La Calahora houden we koffiepauze in het fraaie hostal Manján. De eigenlijke klim naar de pas is 12 km lang, gelijkmatig en dus niet al te moeilijk. Helaas krijg ik 1 km voor de top een enorme hongerklop, die ik met wat mueslirepen en druivensuiker weet te overwinnen. Op de top (2000 m) is de temperatuur zeer aangenaam. Helaas is het grote nieuwe restaurant nog niet geopend, maar gelukkig is er 200 meter na de top een bronnetje met steenkoud drinkwater, dat altijd open is! 

 

 

Daar is ook een groot (groen!) grasveld waar we in de zon! onze broodjes opeten. Tijdens de heerlijke 12 km lange afdaling voel je ineens (op ca. 1400 meter hoogte) de wind weer heet worden. We fietsen door tot Valor (alternatief op route 22 van LO), een echt authentiek Alpujarras dorpje, veel witte huisjes tegen de helling geplakt; ook hostal Los Perdices voldoet aan al onze eisen. Vandaag weer geen foto’s gemaakt, de problemen met onze nieuwe digitale camera worden steeds groter; we overwegen in Granada een wegwerpgevalletje aan te schaffen.

We hebben voor het alternatieve stuk in de route gekozen, omdat we ‘op hoogte’ zouden blijven. Ik weet niet precies wat LO daar mee bedoelt, maar er moet opnieuw flink geklommen worden. Een paar kilometer voor Bérchules komen we weer op de eigenlijke route, tot Trevélez is het dan nog licht golvend. Trevélez is prachtig gelegen aan het eind van een diepe kloof en is met 1475 meter het hoogst gelegen dorp van Spanje. De beroemde rauwe ham jamon serrano komt hier vandaan. Dus wordt onze lunch hier een bocadillo jamon serrano.

 

Trevelez aan het eind van de kloof      

 

 

 

 

 

 

 

 

Kerkje in Pitres

 

 

In tegenstelling tot wat LO in zijn boekje vermeld is er WEL een camping: Camping Trevélez, 1 km ZW van Trevélez aan de GR421. We vinden het een matige, wat verlopen camping, en omdat wij Trevélez nogal druk en toeristisch vinden rijden we door tot camping El Balcón in Pitres die ons wel aanstaat.

Menig Spanjaard die wij tijdens deze vakantie hebben gesproken, heeft ons aangeraden om vooral door de Alpujarras te gaan. En dat is volkomen terecht. De Alpujarras is eigenlijk een optelsom van de Franse, Zwitserse en Oostenrijkse Alpen, maar dan met een Spaanse invulling wat de dorpjes met witte huizen betreft.

Helaas gaan we nu alweer de Alpujarras uit, route 23 richting Granada. Tot Orgiva kunnen we nog volop genieten van de prachtige omgeving, en Orgiva zelf is ook leuk, vooral de chaotische markt is heel gezellig; volgens de Lonely Planet heeft deze markt een hoog New Age gehalte; ons valt vooral het grote aantal Engelsen op. Het is wel toeristisch, we kunnen er echte cappuccino (geen Spaanse cappuccino= koffie met slagroom) drinken, er is zelfs appelgebak, wat een luxe!

Orgiva

Hierna rijden we door steeds minder indrukwekkende natuur tot Lanjarón, bekend vanwege z’n mineraalwater, dus een soort Spaanse Spa: veel oude chique hotels uit de tijd dat het een kuuroord was.

Via Dúrcal en Dilar (waar een lekke achterband geplakt moet worden) rijden we door tot camping La Reina Isabel in La Zubia, een kilometer of vijf ten zuiden van Granada. La Zubia is een goede uitvalsbasis om Granada te bezoeken (de bus naar de stad stopt voor de ingang van de camping) en ook geschikt als startpunt voor de klim naar de Pico Veleta, omdat je dan niet door het drukke centrum van Granada hoeft te fietsen.

 

Spaanse vriendelijkheid:

We willen een weg binnendoor nemen naar La Zubia, maar op een gegeven moment zien we geen bordjes meer met La Zubia. Aan een Spanjaard gevraagd die net in z’n auto wil stappen of hij ons de weg kan wijzen. Het spijt hem heel erg, maar hij weet het ook niet. Vervolgens gaan we naar een winkeltje om het daar te vragen. Net als we weer buitenkomen, komt de eerste man met de auto teruggereden: hij heeft onderweg een bordje met La Zubia gezien en komt ons dat nog even vertellen…..

De camping van La Zubia valt ons tegen, er is geen grassprietje te bekennen, alleen maar zand en beton. We besluiten dan ook om niet het tentje op te zetten, maar een hut te huren. Een beslissing waar we (vooral ik) achteraf heel blij om zijn, maar dat komt in deel 4 aan de orde.

 

De entree van de camping 

in La Zubia is wel prachtig

 

 

 

 

Naar Inleiding 2003 Sevilla - Cordoba Granada + Pico Veleta Home
Cordoba - Cazorla algemene informatie
Cazorla - Sierra Nevada

 

bijgewerkt: 09-apr-2010